| |
Geografische Informatie
Frankrijk is een van de grootste landen binnen Europa. In het Noorden grenst Frankrijk aan Belgie en Luxemburg, in het oosten aan Duitsland, Zwitserland en Italie. In het zuiden grenst Frankrijk aan de Middellandse Zee en Spanje. De westkust wordt gevormd door de Atlantische Oceaan en het Kanaal. De Mont Blanc die met zijn 4.800 m. hoge top de hoogste berg is binnen Europa, ligt binnen de Franse Alpen. De grootste van de Franse bergketens is het Centraal Massief, een enorm gebied in het midden van Frankrijk. Deze bergketen beslaat een zesde deel van Frankrijk.De langste Franse rivier, de Loire, heeft een stroomgebied van 1.020 km. Deze stroomt van het Centraal Massief naar de Atlantische Oceaan. Andere grote Franse rivieren zijn de Seine, Rhone, Garonne en de Rijn.Frankrijk heeft meer dan 3.200 km kust. Aan de Atlantische Oceaan verschilt de kust van kalksteenkliffen in Normandie en voorgebergten in Bretagne tot fijne zand stranden in het zuiden. De zuidkust aan de Middellandse zee heeft vooral kiezel-, soms rotsachtige stranden. Echter in de Languedoc en in de Roussillon zijn wel zandstranden te vinden.
|
|
Natuur
| Flora | Door de grote variatie in klimaat en terrein zijn er in Frankrijk veel verschillende soorten flora te vinden. Bossen - vooral beuken, eiken en pijnboombossen - bedekken een vijfde deel van het land. | | Fauna | Sommige soorten zoals de Pyreneese steenbok, het Corsicaanse hert, de bruine beer, de wolf en de otter zijn heel zeldzaam. Dankzij reintroductieprogramma's in nationale parken leven andere dieren en vogels - zoals de klipgeit (een bergantilope), de bever, de ooievaar en de gier - nog steeds in het wild. De vele bossen, en ook ruime moerassen, ondersteunen de groei van de zoogdieren en vogels. | | Nationale parken | Frankrijk telt veel natuurgebieden waar de oorspronkelijke natuur zoveel mogelijk in stand wordt gehouden. Ook wordt er in deze gebieden naar gestreefd de oorspronkelijke diersoorten zoveel mogelijk in het wild te laten leven. De meeste van deze gebieden zijn geclassificeerd als nationale of regionale natuurparken. Enkele voorbeelden zijn: het nationaal park van de Cevennen, waar in nog ongerepte gebieden dieren- en plantensoorten een natuurlijke bescherming genieten, het Regionale Natuurpark Foret d'Orient in de Champagnestreek evenals het Parc de la Vanoise en het Parc d'Ecrins in de Alpen. |
|
|
Klimaat
Het noordoostelijke gedeelte van het land heeft een continentaal klimaat: warme zomers en koude winters. Normaal gesproken varieert de temperatuur tussen de 2 en 27 graden Celsius gedurende het jaar. Neerslag kan het gehele jaar voorkomen met wat sneeuw in de winter. Het Juragebergte heeft een bergklimaat. Lorraine, afgeschut door heuvels, heeft een relatief mild klimaat. Het zuiden heeft een mediterraan klimaat; semi-tropisch condities overheersen, waardoor er hete, droge zomers en warme, natte winters zijn. Het zuiden is tevens het gebied van de 'mistral', een koude, droge wind die zo'n 100 dagen per jaar door het Rhonedal waait. De binnenlanden hebben een meer continentaal karakter: winters zijn koud en zomers zijn heet (maar zelden met temperaturen boven de 32 graden Celsius). In het westen wordt de kust beinvloed door de Atlantische Oceaan. Het weer is getemperd en relatief mild door de neerslag gedurende het gehele jaar. De zomers zijn aangenaam, heet en zonnig. De winters zijn mild, maar regenachtig.
|
|